The Grand Budapest Hotel2165

Slechts weinig regisseurs hebben zo’n herkenbare stijl als Wes Anderson. Je hoeft slechts enkele beelden te zien om een van zijn werken direct aan hem te koppelen, onder andere vanwege het camerawerk, het kleurgebruik en de dialogen die altijd weer uit hetzelfde hout zijn gesneden. Dat is voor The Grand Budapest Hotel niet anders, waardoor het voldoende is om een mening te hebben over zijn vorige werken om te bepalen of je deze film moet zien.

Zoals altijd is het verhaal hier van ondergeschikt belang aan de personages, hoewel er wel degelijk zorgvuldige aandacht aan wordt besteed. Verdeeld over drie tijdperiodes krijgen we het verhaal te horen van conciërge M. Gustave en Zero, zijn piccolo met wie hij samen verwikkeld raakt in een complex mysterie rondom een enorme erfenis van een rijke dame. Een van Gustave’s talenten is om het zijn gasten zo aangenaam mogelijk te maken, waarvoor hij bereid is om héél ver te gaan.

Wanneer Madame D. komt te overlijden ontvouwt zich een uitgebreid testament vol uitbreidingen en aanpassingen, waaronder een laatste toevoeging die gunstig uitpakt voor Gustave. De directe familie is hier op zijn zachtst gezegd ontevreden over en geeft het startsein voor een knotsgekke achtbaanrit vol onvoorspelbare plotwisselingen. De kracht van het scenario zit hem echter in de interactie tussen alle bijzondere personages die Wes Anderson aan ons introduceert.

Het belangrijkste figuur dat we leren kennen is Ralph Fiennes als de legendarische conciërge, een rol die naar verluid ooit naar Johnny Depp had kunnen gaan. Gelukkig is Anderson uitgekomen op de Brit, aangezien hij hier een kant van zichzelf laat zien die we nog maar weinig hebben mogen aanschouwen. Zijn dictie en timing zorgen ervoor dat Gustave een heerlijk personage is geworden dat absoluut niet heilig is, maar waarmee je je wel degelijk verbonden voelt.

The Grand Budapest Hotel
De overige castleden bestaan voor een groot deel uit een enorm blik aan beroemde acteurs, waaronder F. Murray Abraham, Willem Dafoe, Jeff Goldblum, Harvey Keitel en Edward Norton. In andere producties kan het afwisselen van cameo na cameo gaan afleiden, maar in een film van Anderson stoort het nooit om je af te vragen wie er nu weer op komt dagen. De gehele cast is dan ook een van de sterkste punten van de film, met Fiennes voorop.

Op vergelijkbare wijze weet hij als geen ander om te gaan met een beperkt budget. De miniaturen en geschilderde achtergronden zien er bewust knullig uit, maar zorgen telkens weer voor een glimlach van oor tot oor. Van de sets zelf kan zelfs alleen maar gezegd worden dat ze er fantastisch uitzien en een verzilverde Oscarnominatie voor productiedesign zou op zijn plaats zijn. Met wisselende beeldverhoudingen probeert Anderson hier bovendien weer iets nieuws uit, wat in combinatie met zijn statische camerashots zorgt voor interessante cinematografie.

Toch valt er niet enkel lof uit te delen aan de film. Het middenstuk dat zich afspeelt in een gevangenis is niet zo leuk als de boekensteunen, terwijl ook gezegd kan worden dat de personages wat minder diepgang hebben dan doorgaans het geval is bij Anderson. Daar staat echter weer een geweldige score van Alexandre Desplat tegenover. Uiteindelijk zal iedere liefhebber van de regisseur ook hier weer van kunnen genieten. Het zou zomaar kunnen dat de film na komende nacht niet alleen op commercieel vlak zijn meest succesvolle productie is, maar ook qua aantal gewonnen Academy Awards.

Source:: The Grand Budapest Hotel