It166

In 1990 kregen we voor het eerst een verfilming voorgeschoteld van Stephen Kings It, destijds in de vorm van een tweedelige miniserie. Hoewel die versie niet al te ver kon gaan qua horror is het nog altijd een iconisch werk, met name dankzij de magistrale hoofdrol van Tim Curry als de clown Pennywise. Toch heb je tegenwoordig een nostalgische blik nodig om nog optimaal te kunnen genieten van die wel erg gedateerde miniserie, waardoor een nieuwe versie op zijn minst een kans zou moeten krijgen.

De opening van It (2017) waarin de kleine Georgie achter zijn papieren bootje in de stromende regen aanrent komt ons aanvankelijk wel heel erg bekend voor. De beelden van de scène zijn bijna een shot-voor-shot remake van diens evenknie uit 1990, maar het einde maakt direct duidelijk dat we hier te maken hebben met een R-rated verfilming. Regisseur Andy Muschietti heeft geen rekening hoeven houden met de relatief brave regels van de zender ABC en dat is de ruim twee uur die nog volgen goed te merken. Alleen al deze moderne blik rechtvaardigt het bestaansrecht van de horrorfilm die vermoedelijk hoge ogen gaat gooien aan de box-office.

Ook deze keer volgen we weer de zelfbenoemde “Losers Club”, een groepje jonge tieners dat beseft dat er iets gruwelijk mis is met hun woonplaats Derry. Niet alleen verdwijnen er om de haverklap leeftijdsgenoten, ze krijgen ook nog eens stuk voor stuk te maken met heftige gebeurtenissen die te maken hebben met hun grootste angsten. Al snel blijkt de kwaadaardige Pennywise het stadje in zijn greep te hebben, waardoor de losers besluiten om het heft in eigen handen te nemen en een einde te maken aan zijn cyclus van terreur.

Muschietti leunt voor de horror stevig op jump scares, maar past deze effectief toe: vrijwel alle schrikmomenten zie je aankomen, maar de grote hoeveelheid zorgt ervoor dat je constant op je hoede bent en de hele tijd een ongemakkelijk gevoelt hebt. Daarnaast gebruikt hij een gezonde mix van cgi en praktische effecten, waardoor dit hopelijk niet zo snel zal dateren als de vorige verfilming. Wie deze versie op te jonge leeftijd ziet zal vermoedelijk wel wat nachtmerries overhouden aan de diverse gedaanten die de clown aanneemt.

Die variaties in de vormen van Pennywise zijn een mooi voorbeeld van de vrijheid die de schrijvers hebben genomen om het boek te bewerken: in de basis is dit een zeer trouwe verfilming, maar waar nodig hebben ze het ook aangedurfd om het een en ander te veranderen. Zo is niet alleen een zeer problematische scène uit het boek niet meegenomen, maar ook de persoonlijke demonen van de kinderen zijn in enkele gevallen met positief resultaat totaal veranderd.

It
Een wijziging die minder goed uitpakt is dat de rol van Derry-historicus deze keer is verschoven van Mike naar Ben. Het zorgt er weliswaar voor dat die laatste een meer substantiële rol krijgt, maar tegelijkertijd wordt Mike nog meer naar de achtergrond geschoven dan al het geval was. Vermoedelijk krijgt hij in het vervolg een groter aandeel, maar in deze film is hij het lid van de groep waarmee we het minst een band krijgen.

De jonge Zweedse acteur Bill Skarsgård kreeg de lastige taak om zich deze keer in het kostuum van Pennywise te hijsen. Het is onvermijdelijk om hem te vergelijken met Curry, maar gelukkig kunnen we oordelen dat hij zijn taak uitstekend heeft volbracht. Zijn versie van de clown is behoorlijk anders van aard en valt perfect binnen de toon van deze film. Zijn meer ouderwetse uiterlijk is zowel intrigerend als smerig, niet in de laatste plaats door de knappe make-up en zijn onheilspellende ogen. De vertolking van Curry zal waarschijnlijk langer worden herinnerd, maar we mogen erg blij zijn met deze fascinerende manifestatie van het pure kwaad.

It
Met de horror zit het dus wel goed, maar ook de luchtigere elementen werken bijzonder effectief. We krijgen ruim de tijd om de jongeren te leren kennen terwijl ze hun zomervakantie vieren, waarbij de overeenkomsten met Stand By Me en Stranger Things niet te missen zijn. Die laatste link is ook aanwezig dankzij Finn Wolfhard, die hier als de grofgebekte Richie een heel ander personage neerzet dan in die serie. Met zijn snelle mond heeft hij regelmatig de lachers op zijn hand, met de moeder van Eddie en zijn eigen geslachtsdelen als favoriete onderwerpen.

In de vorige versie was Curry de eenzame acteur die opviel, maar hier zijn het juist de kinderen die indruk maken. Niet alleen Wolfhard is perfect gecast, ook voor de overige groepsleden had men geen betere namen kunnen vinden. Met name Sophia Lillis en Jack Dylan Grazer steken er verder nog bovenuit, maar als geheel zijn ze het sterkste element aan een verder toch al bijzonder geslaagd project. Samen met de pure horror en het prachtige productiedesign vormen ze de grote kracht van deze sterke verfilming.

It
Al vroeg in het proces is ervoor gekozen om dit eerste deel in een beoogd tweeluik enkel te richten op de kinderen, terwijl het boek regelmatig wisselt tussen die periode en hun volwassen versies. Zowel in de bron als in de miniserie is die andere kant beduidend minder interessant, waardoor de nieuwe film zich volledig kan richten op het beste gedeelte. Het wordt interessant om te zien hoe ze dit gaan oplossen in het vervolg, waarvan het op dit moment redelijk zeker lijkt te worden dat daar spoedig groen licht voor komt.

De zware taak die Andy Muschietti op zich had genomen was bijna gedoemd om te mislukken: niet alleen moest hij een zeer geliefd en bijzonder dik boek naar het witte doek brengen, hij moest ook nog eens opboksen tegen een eerdere verfilming die bij velen een enorme gunfactor heeft met een grote dosis nostalgie. Dankzij een geweldige cast en een goede mix van effectieve horror en luchtigere elementen is hij toch meer dan geslaagd in zijn missie. De kans is groot dat we It later scharen tot de beste verfilmingen van Stephen King; nu maar hopen dat ze dit weten vast te houden voor het tweede deel.

Source:: It